Strand

Vroeger ging je op vakantie naar Zeeland of Drenthe. Óf naar de Belgische Ardennen, Duitsland, of vooruit, naar Frankrijk. Héél soms gingen er zelfs een paar (maar niet veel) kinderen naar het verre Spanje of Italië. Veel meer smaken waren er niet. Maar die waren ook niet nodig. Althans, die werden door niemand gemist. Of heb ik iets gemist?

Wij gingen als gezin vaak naar Burgh-Haamstede en Ouddorp, maar we zijn ook een keer met de auto naar Bretagne geweest en met de boot naar Engeland. Voor mijn gevoel was dat heel ver weg en dus gaaf en spannend. We waren zelfs in Hongarije, aan het Balatonmeer. Dat was bijzonder, de muur was nog niet gevallen. Ze hadden daar de Forint en goulashsoep. Dat meer, daar kon je honderden meters in lopen.

Blije jeugdherinneringen en op m’n 18de nog heel wat wereld te ontdekken. Die lag nog onbekend en groot(s) voor me open. Ik ging naar Spanje. Voor het eerst zonder ouders, samen met een vriendin op vakantie. Met de bus, all the way to Calella. Dat was 18 uur rijden. Dat was een andere wereld.

Dat gevoel van ‘de wijde wereld in’, hebben kinderen van nu dat ook nog? Of is die wereld hun ‘been there, done that’ achtertuin geworden?

Kun je ze iets ontnemen door al zoveel (weg) te geven?

Uitkijken naar ‘eerste keren’.  De spanning en voorpret van het onbekende, van het ergens heen gaan waar je nog nooit was. Zien wat nog ongezien is.

Dat mijmer ik zo wat voor me uit, op het strand. Tijdens een weekje vakantie in nieuw ’eigen land’.

Tent opzetten, tafel en stoelen uitklappen, klaar. In de supermarkt vond ik een soort ‘love’ koffiefilter, eentje voor twee bekers. Koffie erin, fluitketeltje-gekookt water erover et voilà, de lekkerste koffie van de hele wereld. Klein geluk.

‘s Nachts het af en aan ‘bonken’ van de zee. Af en aan, af en aan, dat rustgevende ritme. Overdag muziek vermengd met geroezemoes, afgewisseld met het hoge gegil uit enthousiaste kinderkeeltjes. ’s Avonds de bronstige beats van jongeren die rondlopen om gezien te worden. Te nemen en genomen te worden.

moliets

Wat doe je in Moliets-Plage? Nou, niet zo veel verheffends, dat vind ik juist het fijne. Zwemmen, surfen (- kijken naar- in mijn geval), strandhangen, stukje fietsen, beetje over de overzichtelijke ‘boulevard’ kuieren. IJsje eten, biertje drinken, mosseltje happen. Wat lezen, puzzelen, slapen. Luieren. Luxe in al zijn eenvoud.

Me licht irriteren over de staat van het sanitair (en de luxe van onze eigen schone wc herwaarderend). Me verbazen over luidruchtige gasten (zelf heb ik immers een zacht & zoetgevooisd stemmetje dat zich zelden verheft).

Me vergapen aan van die perfect gebruinde strandgangers. Waarom ben ík rood/wit/bruin gevlekt, waarom zijn zíj egaal gebronsd. Waar is dat zand gebleven dat níet op hen en hun perfect gespreide schone doek ligt? Ah, dat ligt op mij en m’n verkreukte, half-natte handdoek.

Me verzuchten over het verglijden van de tijd. Als ik loop dan zie ik een hoop (echt veel) van die horizontale huidrimpeltjes op mijn bovenbenen. Ik zie de benen van mijn moeder. Als ik zit, zie ik zich vermenigvuldigende vetrollen (rolletjes als we het eufemistisch benaderen), in plaats van een strakke buik. Niet naar beneden kijken dus, maar gewoon voor me uit en om me heen. Naar die mega golven en naar al die mensen die er in overgrote meerderheid ook menselijk imperfect uitzien. Dat valt eigenlijk best mee. Ik bevind me in vergelijkbaar, prima gezelschap.

Denk niet dat ik níks doe. Dat er geen spanning is. Er geen ‘thrill-seeking experiences’ zijn te beleven. Je hoeft niet te gaan bungeejumpen om ‘excitement’ te hebben. Je hoeft niet te gletsjerklimmen om de adrenaline door je lijf te voelen gieren. Je kan ook achteloos de zee in lopen.

Je ziet de branding, je ziet de metershoge golven, je berekent tijd/afstand/hoogte/ruimte en dat dan gecombineerd en in 3D. Je was nooit goed in wiskunde of calculeren in welke vorm dan ook, maar helaas denk je daar op dat moment niet aan. Je telt eens wat tot drie, je waagt de figuurlijke sprong, je loopt, waadt, beweegt in een soort van slow-motion.

golf

Ik word verzwolgen door een mokerslag van een golf, meegezogen met de stroming, onder water gehouden door de waterzwaartekracht. Wordt meegesleurd als een lichtgewicht. Om vervolgens als een walrus op het halfdroge te worden geworpen. Het ene bikinistuk om m’n nek, het andere gevuld met zand half op mijn knieën. Gevoelsmatig meer dood dan levend. Maar niet getreurd, kan ik nog denken. Ik ben keurig in het brede vlak tussen de twee blauwe vlaggen van het bewaakte stuk strand getorpedeerd.

En dus wacht ik adem happend en proestend op redding door de roodgeel gebruinde, heldhaftige sauveteurs. De gespierde engelen van het strand. Helaas, ze zullen urgenter zaken hebben, want er verschijnen geen knappe godenzonen die zich bezorgd over mij heen buigen. Naar die mond-op-mond beademing kan ik fluiten. Ik moet me ‘op eigen kracht’ zien te ‘herpakken’.

Ik hijs mijn zand gevulde bikini op, trek m’n bovenstukje maar weer omlaag en sta op. Niet om me heen gaan kijken nu, niet reflecteren over het hoe en waarom van deze onfortuinlijke situatie. Daar is het nu even niet het moment voor. Recht vooruit kijkend strompel ik naar mijn handdoek. Ik plof neer, zucht eens goed, zoek m’n bril en pak m’n sudoku. Genoeg fysieke uitdaging voor vandaag. Nu effe die hersens trainen. Pim krijgt zo’n ‘expert-exemplaar’ in minder dan 10 minuten opgelost, waarom lukt mij dat (bij lange na!) niet? Ja, wezenlijke vragen, daar op dat strand.

Gelukkig ben ik de dag erna weer helemaal hersteld en klaar voor wat nieuw sportief vermaak. Want nogmaals, ik doe niet niks. Inspanning ende ontspanning, calorietje erbij, calorietje eraf. Niet helemaal, maar toch bíjna in balans.

Ik aqualatino, jij aqualatinoot, wij aqualatinoën. Dat is zo logisch als wat. Rond 11 uur verzamelen zich zo’n 60 – ik overdrijf niet, het is heel populair ‘over here’ – vrouwen, kinderen en ja ook een stuk of wat verdwaalde mannen in het zwembad van de camping. Uit de boxen schalt de muziek, het volume gaat omhoog. De Aqualatino- annex Aquafit-, annex Aquabox-instructrice klapt in haar handen en we gaan los. Vijf en veertig minuten lang is het vredige zwembad verandert in een kolkende krachtstroom. Vergeet de boepsende borsten, vergeet de loshangende lovehandles. We zijn ver voorbij de gêne.

De Spaanse zomerhits fladderen in het rond, iedereen danst, lacht, zingt mee. Heeft het gevoel heel goed en gezond bezig te zijn. En dat zijn we ook. Als je er van een afstand naar kijkt, vraag je je ernstig af welke debieltjes ze daar los gelaten hebben. En of dit echt op vrijwillige basis is gebeurd (wat als er een video vrijkomt!?). Als je meedoet, word je bevangen door een vrolijk ‘wtf’ gevoel. Geen denken, alleen maar doen, lekkere muziek, zon op je kop, lijf in het water. Zo simpel kan het zijn.

De camping, het strand. Op een vreemde manier verbonden met mensen die je niet kent en die even allemaal gelijk zijn. Dat vind ik fijn. Je bevindt je met elkaar op een beperkt stukje land (en water), je deelt douches, afwasbakken & animatie (te overzien en met mate). Je deelt zon, zee & zand.

Rang, stand, functie, maatschappelijke positie zijn onzichtbaar, onbepaald, niet relevant.

Letterlijk en figuurlijk met z’n allen in ons bijna-nakie.

Aan het eind van de middag begeven we ons weer naar het strand. Het is vloed. De golven beuken indrukwekkend tegen de kust. Te hoog, te krachtig om je zomaar in te begeven. Op enkele waaghalzen na. Meest kinderen. En een collega-slachtoffer dat besmuikt opstaat. Ik lach haar vriendelijk en hopelijk geruststellend toe.

Ik kijk om me heen. Tientallen mensen staan naast elkaar, op een rij, af en aan in de branding en op het natte zand.

De een staat met de handen in de zij, de ander met zn’ armen over elkaar. Ieder op zijn eigen unieke en tegelijkertijd vergelijkbare manier. Iedereen staat op z’n gemak te kijken. Zich even niet bewust van zichzelf. Even helemaal vrij.

Iedereen kijkt naar de zee. Met bewondering, met ontzag. Alsof we ‘m opnieuw voor de eerste keer zien.

Lang leve het strand.

7 gedachten over “Strand

  1. Ida Bonnet - Hogervorst 6 augustus 2019 — 14 h 28 min

    Leuk….. super. Met smaak gelezen . Kijk al uit naar het volgende.

    Like

  2. Ha Ellen, 3x raden, nou ja, 1x is genoeg, waar ik over anderhalve week mijn vakantie ga doorbrengen: Burgh Haamstede .
    Ook voor mij een jarenlange vertrouwde plek. Fiets erbij, af en toe een Zeeuwse bolus en boeken mee.
    Mooie zomer nog🍀🌞, Monique

    Like

    1. Haha, geweldig! Wij zijn er afgelopen jaren ook weer herhaaldelijk geweest, heerlijk!! Geniet ervan🍀😘

      Like

  3. Heerlijk verhaal weer! Ja die ervaring in die golven heb ik ook eens meegemaakt,dus ik zag het voor me.

    Like

    1. Ha Irma, dankjewel, ja fijne ervaring hè!?😉

      Like

  4. Wat heerlijk om te lezen weer! De beschrijving van jouw ervaring, jouw beleving. Beschrijvend, aanschouwend, beschouwend, als een boek, een column, als Ellen. Ik hoor je bijna praten! Heb ook weer gelachen bij je beschrijving van je ‘dive experience’. Geweldig. Blijf lekker genieten en je ervaringen met ons delen. Kan niet wachten op de volgende ‘column’. Liefs XX

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close